Dinsdag in Gaza

Dinsdag 11 mei

Geen problemen bij Ben Goerion. Ik stond te wachten op de jongen die me naar Erez zou brengen. Daar was hij, met een cartonnetje waar ANGE op stond. Een telefoontje van Khaled. Die was net terug gekomen uit Egypte, had daar vier uur moeten staan wachten om de grens over te mogen, en zat nu vast achter het checkpoint bij Khan Younis. Gedonder in Gaza, het leger is weer bezig. Khaled wist niet of het verstandig was dat ik naar Gaza zou komen en of het checkpoint bij Erez wel open was. Misschien moest ik naar Jeruzalem, en daar wachten tot het weer open was. De jongen van de taxi gaat bellen. Erez is weer open. Ik bel Khaled, ik waag het er op.

Erez. De Palestijnengang


Bij Erez is het leeg. Behalve ik een Deense journalist, en drie Palestijnse vrouwen die naar het ziekenhuis zijn geweest. Ik kom zo de controle door, maar moet dan wachten tot er een paar soldaten ons de lange Palestijnengang door begeleiden naar de andere kant van de grens. Een nieuwe procedure. Normaal loop ik met mijn koffertje door niemandsland nadat ik door de VIP uitgang ben gesluisd, maar sinds de laatste aanslag bij Erez komt er toch geen arbeider meer door de Palestijnengang en wordt die gebruikt om die enkele buitenlander die nog komt naar de andere kant te laten lopen. Achlan, welkom, zeggen de Palestijnse soldaten die achter een tafeltje mijn paspoort bekijken en mijn naam in een schriftje schrijven.

Op de flat zitten Fatma, Mohammed en Ramadan op me te wachten met cola en fruit en nootjes. Ze zien er moe uit. Vannacht niet geslapen. Een inval van het leger in de wijk al-Zeitoen, even buiten Gaza-stad. Werkplaatsjes opgeblazen. Maar toen heeft het verzet op hun beurt een Israelische tank opgeblazen, zes soldaten gedood. And then they went crazy, zegt Ramadan. Tanks tot midden in Gazastad, ze zijn er nog. Meer dan zestien huizen verwoest. Er worden al zeven doden geteld, maar niemand weet het nog precies. Ook al wordt in de flat elk geluid gedempt door de branding, de flat kijkt uit op zee, toch hoor ik het voortdurende gebrom van gevechtshelicopters in de lucht, de doffe klappen van inslaande granaten, en het rattattat van automatische geweren. Khaled zit nog steeds vast bij Khan Younis, want alle checkpoints zijn gesloten, hij kan niet naar huis, naar zijn gezin. En Ramadan belt naar Dalia in Bureije kamp dat hij bij zijn zus blijft slapen. Vanochtend is hij met gevaar voor zijn leven over het strand naar Gaza-stad gekomen, omdat hij er wou zijn als ik aankwam, maar in het donker is dat nog gevaarlijker.

Toch is het feest. Ik ben vreselijk blij dat ik er weer ben. Mohammed doet een scheut van mijn meegebrachte wodka in zijn cola. Ze willen alles weten van hoe het met ons is, Joes, Ruud, Eelco, Helma, how is everybody? Ze zijn ontzettend opgewonden dat ze het eind van de maand naar Nederland komen. Volgende week komen hun visa af. En er is niet alleen slecht nieuws. Met het werk gaat het goed. Het fysiotherapiecentrum is verhuisd. Nee, ze zijn niet verslagen door het laatste nieuws over Sharon en Bush. Ze houden vol. En ze eten al dagen lang vis. Anders niet meer te betalen, maar God stuurt opeens bakken met vis, zoveel hebben ze al in geen jaren meer gevangen.

Ik bel met mijn mensen in Nederland, dat ik er door ben en veilig in de flat zit.

Eén gedachte over “Dinsdag in Gaza

  1. Opmerkelijk uit je bijdrage is, dat er gelukkig nog palestijnen zijn, die een tank willen opblazen in plaats van zichzelf temidden van burgers.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *