{"id":1519,"date":"2006-01-22T12:48:17","date_gmt":"2006-01-22T10:48:17","guid":{"rendered":"http:\/\/www.anjameulenbelt.nl\/weblog\/2006\/01\/20\/klasse-4\/"},"modified":"2006-01-22T13:23:21","modified_gmt":"2006-01-22T11:23:21","slug":"klasse-4","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.anjameulenbelt.nl\/weblog\/2006\/01\/22\/klasse-4\/","title":{"rendered":"Klasse (4)"},"content":{"rendered":"<p>We hebben het tot nu toe over klasse gehad. Iedereen komt uit een sociaal milieu, zit nu in een sociaal milieu (of meerdere) en is onderweg van hier naar daar misschien nog meer sociale milieus tegen gekomen. Neem mij. Ik was een directeursdochter. Ik trouwde (moetje) met een half geschoolde arbeider, buitenlander ook nog. Van de ene op de andere dag leek ik iemand anders te zijn, zeker toen we in het buitenland gingen wonen. Dat was een volstrekte cultuurschok, want al die tijd had ik niet geweten hoeveel bescherming het me bood dat ik de dochter van de directeur was, naar een particuliere school ging, vooral met kinderen in aanraking kwam uit de &#8216;betere&#8217; milieu&#8217;s. Opeens hielp dat me allemaal niets  meer, in het buitenland hielp mijn  &#8216;nette&#8217; spraak me ook niet &#8211; ik ontdekte dat dezelfde persoon die ik was opeens heel anders werd bekeken en behandeld. Erg pijnlijk, en erg nuttig om zo uit je klasse te vallen, je leert er wel van hoe de wereld in elkaar zit.<br \/>\n<!--more--><br \/>\nMaar het is nog ingewikkelder. We hadden het nu over klasse, maar ieder van ons is een complex pakketje van &#8216;sociale identiteiten&#8217;. Ik ben ook vrouw, ik ben wit, ik ben hoger opgeleid, ik ben &#8216;ingeburgerd&#8217;, ik ben nog een hele reeks dingen wel en een reeks dingen niet &#8211; ik heb geen handicap, ik ben biseksueel, ik ben inmiddels ouder, ik ben stadse, gelovig, enzovoorts.<\/p>\n<p>In de werkelijkheid van ons dagelijks leven halen we die zaken niet netjes uit elkaar. Als iemand op je reageert weet je niet altijd waarop, vanuit welke blik en vooronderstellingen iemand naar je kijkt. <\/p>\n<p>Een voorbeeld. Jaren terug, in de vrouwenbeweging, lagen we behoorlijk in de clinch met de linkse jongens, die vonden dat wij maar een burgerlijke beweging waren. Wij keken naar hen en vonden het seksistische macho&#8217;s die altijd de baas wilden zijn, zij keken naar ons en vonden ons burgertrutten met kapsones. En dat verborg zich allemaal onder een dikke laag ideologie, want over gevoelens en wat die met onszelf te maken hadden we het niet. De linkse jongens zeiden dat wij geen &#8216;historische categorie&#8217;  waren volgens Marx. Dus hoorden we ons niet als vrouwen te organiseren, we moesten ons aansluiten bij de klassestrijd. En bovendien, mevrouw Phillips werd niet onderdrukt, die onderdrukte haar werkster. <\/p>\n<p>Nou was mijn moeder ongeveer een mevrouw Phillips, en zo was het ook, ze was behoorlijk neerbuigend naar onze &#8216;hulp&#8217;. En ook ik ergerde me een keer aan een werkgroep op een vrouwencongres waar alle vrouwen over hun werksters zaten te klagen, en ik dacht, wacht even, die werksters zijn ook vrouwen en die zijn er niet. Dus dit klopte ook: de eerste feministes, vaak studenten, vrouwen met opleidingen, kwamen meestal niet van onderop uit de klassemaatschappij. Dat is ook niet vreemd, bijna alle sociale bewegingen zijn begonnen, niet door de mensen die alleen maar bezig waren met overleven, maar met de mensen die al een beetje positie hadden veroverd. Ook in de arbeidersbeweging waren het meestal de mensen die al waren bijgeschoold, in een opleiding, of door zelfstudie, die voorop liepen. <\/p>\n<p>Ondertussen werd mevrouw Phillips wel degelijk onderdrukt. Mijn moeder had niet het beheer over haar eigen geld en moest altijd om huishoudgeld vragen. En dat ze zelf een baan zou zoeken was als directeursvrouw toen ondenkbaar. Ze was volledig afhankelijk. Dat is wat de mannen niet wilden zien. Want dan hadden ze ook naar hun eigen gedrag moeten kijken en hoe ze zelf met vrouwen omgingen. Dan hadden ze moeten onderkennen dat ze zich door hun vrouw thuis net zo lieten bedienen als die kapitalistische mannen dat deden. Ook niet zo best. <\/p>\n<p>Wat het zo lastig maakte toen, was om uit elkaar te halen dat beide zaken waar konden zijn: dat in elke klasse vrouwen een tweederangspositie hadden, maar dat er tegelijk  grote verschillen waren tussen de klassen onderling. Wat nog lastiger was om te onderkennen dat er vele emoties meespeelden, dat we allemaal waren gevormd door de ervaringen die we mee hadden gemaakt. <\/p>\n<p>Als de socialistische mannen zich aangevallen voelden, wat ze ook werden, dan reageerden ze vanuit hun klasse ervaringen, maar deden dat als mannen. Wij reageerden als vrouwen die zich achtergesteld voelden, maar deden dat ook als hogere burgerdochters met enig misprijzen naar die mannen die dachten dat ze het beter wisten. De emoties gingen niet alleen over de juiste positie. We namen onze hele geschiedenis mee. <\/p>\n<p>De vrouwen hadden vaak geen oog voor de ervaringen die de mannen (en vrouwen) van onderop hadden meegemaakt, die zagen alleen de verschillen tussen vrouwen en mannen. De socialistische mannen, ondertussen, zagen vooral een aantal geprivilegeerde dames die ook nog wouen beweren dat ze onderdrukt waren. En zagen alleen klasse. Het zou ons toen reuze hebben geholpen als we wederzijds hadden kunnen erkennen dat de blik op elkaar erg gekleurd was door wat we persoonlijk hadden meegemaakt. <\/p>\n<p>Ik heb dus veel geleerd van de studenten in mijn lesgroepen. Ik herinner me een vrouw uit de arbeidserklasse die zei: jullie zitten zo te kankeren op mannen. Mijn vader was een behoorlijk autoritaire man, dat is waar. Hij was typisch zo&#8217;n man die meteen vroeg is het eten nog niet klaar als hij thuis kwam. Maar hij was ook de man die &#8217;s ochtends vroeg op zijn fiets naar de melkfabriek ging, en daarna nog bijbaantjes had om er voor te zorgen dat al zijn kinderen door konden leren. Hij heeft zich letterlijk kapot gewerkt en was dood voordat hij met pensioen kon. En die man moet ik haten? <\/p>\n<p>Hetzelfde kon je ook meemaken in de anti-racistische beweging, soms in heel kleine dingen. Op de opleiding waar ik les gaf hadden we ook een zwarte groep, volgens hetzelfde model als de vrouwengroepen, zwarte docenten, zwarte leerlingen. Dat boterde in het begin niet zo erg. Stonden daar een zwarte man en een wittte vrouw bij de koffie en dachten alletwee van die ander dat die voordrong. Denkt de man: typisch een blanke. Denkt de vrouw: typisch een man. <\/p>\n<p>Ook daarbij herinner me ik wat ik van studenten leerde. Zo was er een keer in de Bijlmer een zwarte jongen geweest die met een mes een blanke vrouw wilde beroven. Maar die had een pistool, en schoot de jongen dood. Iedereen in de groep had het met die vrouw te doen. En toen zei een Surinaamse vrouw: denkt niemand er over na dat die jongen misschien mijn neefje had kunnen zijn? Het is niet dat ik het goedpraat, want je mag niet stelen. Maar denkt niemand er over na wat er met die jongen is gebeurd dat hij zo ver is gekomen? En denkt niemand er over na wat ik voel als er over zwarten wordt gepraat alsof die allemaal gevaarlijk en crimineel zijn?<\/p>\n<p>Wat we van elkaar leerden: dat onze blik wordt gekleurd door onze eigen positie en onze eigen ervaringen. Dat we geneigd zijn om vooral dat onrecht te zien waar we het slachtoffer van zijn, en het veel moeilijker vinden om ons in te leven in ervaringen die we zelf niet hebben en nog veel moeilijker om te erkennen dat er voorrechten zijn die ons blind maken voor anderen. Dat we geneigd zijn om een rangorde aan te brengen. De vrouwen vonden dat wat vrouwen werd aangedaan veel erger was dan wat een arbeider meemaakte. De mannen uit de arbeidersklasse vonden dat die wijven niet zo moesten zeuren. Het waren altijd de mensen die op het snijpunt stonden, met dubbele ervaringen en dubbele loyaliteiten, die ons de ogen openden voor de ervaringen aan de &#8216;andere kant&#8217;. <\/p>\n<p>Vandaar dat ik het in mijn lessen over verschil altijd had over de drie grote scheidslijnen tegelijk: klasse, kleur en sekse, en dan nog een hele reeks andere verschillen die er ook toe deden meenam. Ik vroeg iedereen een lijstje te maken met de eigen sociale identiteiten. En dan vroeg ik: wat heb je bovenaan staan, en wat zegt dat over jou? En welke identiteiten ben je &#8216;vergeten&#8217;? Zo zouden hetero&#8217;s zelden op hun lijstje hebben gezet dat ze hetero&#8217;s waren, want dat is &#8216;gewoon&#8217;, dat hoef je niet te zeggen, en blanke Nederlanders vergaten bijna altijd te vermelden dat ze blank waren en Nederlander, want daar hoef je niet over na te denken. Het zei vooral iets over het feit dat we ons allemaal meer bewust waren van de positie waarin we pijn hadden opgelopen, en nauwelijks nadachten over de posities waarin we zonder dat te beseffen bevoorrecht waren. En dit is het punt: in die sociale bewegingen organiseerden mensen zich op het onrecht dat ze hadden meegemaakt, en beseften vaak niet dat ze een paar fikse blinde plekken hadden voor het onrecht van anderen.<\/p>\n<p>Daar kwam het dus op aan: om naar de eigen ervaringen te durven kijken, compleet met de pijn die er bij hoorde, daarmee het eigen vermogen tot inleven in anderen te vergroten, en naar de ervaringen van anderen te kunnen luisteren zonder meteen in waardeoordelen en &#8216;wie had het moeilijker&#8217;  te vervallen. Dat vergde dus oefening, en inzicht, en tijd. En de wil om over de schuttingen van de eigen ervaringen heen te kunnen kijken. <\/p>\n<p>Als ik nu kijk naar de groepen die zich het meeste afzetten tegen migranten, en daar het meeste bang voor zijn, dan vermoed ik veel onverwerkte en ongeformuleerde klassepijn. Het is soms maar toevallig hoe iemand de eigen ervaringen van achtergesteld zijn vertaalt: in woede die naar &#8216;boven&#8217; wordt gericht, naar de machthebbers, de bazen, de rijken, en dus &#8216;links&#8217; wordt, of in woede gericht naar &#8216; beneden&#8217;, naar de migranten bijvoorbeeld, en &#8216;rechts&#8217; wordt. Hadden mensen meer door vanuit welke eigen ervaringen ze reageerden, dan waren we al een stuk verder.  <\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>We hebben het tot nu toe over klasse gehad. Iedereen komt uit een sociaal milieu, zit nu in een sociaal milieu (of meerdere) en is onderweg van hier naar daar misschien nog meer sociale milieus tegen gekomen. Neem mij. Ik &hellip; <a href=\"https:\/\/www.anjameulenbelt.nl\/weblog\/2006\/01\/22\/klasse-4\/\">Lees verder <span class=\"meta-nav\">&rarr;<\/span><\/a><\/p>\n","protected":false},"author":2,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"footnotes":"","_jetpack_memberships_contains_paid_content":false},"categories":[1,10],"tags":[],"jetpack_sharing_enabled":true,"jetpack_featured_media_url":"","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.anjameulenbelt.nl\/weblog\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/1519"}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.anjameulenbelt.nl\/weblog\/wp-json\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.anjameulenbelt.nl\/weblog\/wp-json\/wp\/v2\/types\/post"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.anjameulenbelt.nl\/weblog\/wp-json\/wp\/v2\/users\/2"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.anjameulenbelt.nl\/weblog\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=1519"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.anjameulenbelt.nl\/weblog\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/1519\/revisions"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.anjameulenbelt.nl\/weblog\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=1519"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.anjameulenbelt.nl\/weblog\/wp-json\/wp\/v2\/categories?post=1519"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.anjameulenbelt.nl\/weblog\/wp-json\/wp\/v2\/tags?post=1519"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}