{"id":1654,"date":"2006-03-24T11:56:52","date_gmt":"2006-03-24T09:56:52","guid":{"rendered":"http:\/\/www.anjameulenbelt.nl\/weblog\/2006\/03\/24\/huub-oosterhuis\/"},"modified":"2011-08-26T14:48:10","modified_gmt":"2011-08-26T12:48:10","slug":"huub-oosterhuis","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.anjameulenbelt.nl\/weblog\/2006\/03\/24\/huub-oosterhuis\/","title":{"rendered":"Huub Oosterhuis"},"content":{"rendered":"<p>Beloofd. De preek-toespraak van afgelopen zondag in De Amsterdamse Studentenekklesia. Te gast:  Huub Oosterhuis. <\/p>\n<p>1.<br \/>\nWelkom, lieve gemeente. U krijgt een stevig woord vooraf, opdat u een beetje bent toegerust om de schriftlezing te aanhoren en in uw geheugen op te slaan.<br \/>\n<!--more--><br \/>\nAbraham is oud, Sara zijn vrouw is dood en begraven \u2013 Abraham stuurt een \u2018dienstknecht\u2019 naar zijn stamland Mesopotami\u00eb, Tweestromenland, tussen de Eufraat en de Tigris, in het huidige Irak, waar hij zelf geboren is, om daar een vrouw te zoeken voor zijn zoon Iza\u00e4k. Het wordt Rebekka, de kleindochter van zijn broer. Er staat \u2018Iza\u00e4k smeekte Adonai ten gunste van zijn vrouw, want zij was onvruchtbaar en Adona\u00ef verhoorde zijn smeking\u2019. Rebekka zijn vrouw werd zwanger. \u2018De zonen schopten elkaar, in haar buik\u2019. Esau en Jakob. Esau wordt jager, Jakob wordt herder. Esau is ruigbehehaard. Jakob is glad. Iza\u00e4k had Esau lief. Rebekka had Jakob lief. Jakob was een keer soep aan het koken. Esau kwam uit het veld en was moe. Hij wil die soep. Jakob zegt: \u2018als jij mij vandaag nog je eerstgeboorterecht verkoopt\u2019. Ok\u00e9 zegt Esau. En het geschiedde: Iza\u00e4k was oud en blind. Hij roept Esau bij zich: ga voor mij op jacht, maak iets heerlijks voor mij klaar, dan zal mijn ziel je zegenen voordat ik doodga. De zegen van het eerstgeboorterecht. Rebekka hoort het. Als Esau weg is roept zij Jakob, trekt hem Esau\u2019s kleren aan, bekleed zijn handen en hals met de vacht van de geitenbokken die zij geslacht en toebereid heeft en stuurt en naar Iza\u00e4k. Hij kwam bij zijn vader en sprak: Mijn vader. Iza\u00e4k vraagt: wie ben jij? Jakob sprak tot zijn vader: Ik ben het, Esau, uw eerstgeborene. Hij krijgt de zegen. Als Esau bemerkt dat Jakob de zegen gestolen heet, zegt hij: vermoorden zal ik Jakob mijn broeder. Rebekka en Iza\u00e4k sturen Jakob naar zijn oom \u2013 \u2018totdat de woede van je broer uitgeraasd is\u2019. Jakob verhief zijn voeten en ging naar het land van de kinderen van het oosten. Hij gaat in ballingschap; hij komt daar aan, en het geschiedde: Jakob ziet Rachel. Jakob kust Rachel, hij verhief zijn stem en huilde. Hij zegt: ik ben een zoon van Rebekka. Hij ontmoet zijn oom Laban, een aanzienlijk veehouder. Hij gaat voor hem werken. Wat zal je loon zijn? Zeven jaar zal ik je dienen om Rachel, je jongste dochter \u2013 zij waren hem als enkele dagen omdat hij van haar hield. Zijn de zeven jaar voorbij, leggen ze het oudere zusje van Rachel in zijn bed, Lea met de doffe ogen. En het geschiedde in de morgen: oh, het was Lea. Bedrieger bedrogen. Hij hield van Rachel en niet van Lea. En hij diende nog eens zeven jaar om Rachel. Lea baart hem de ene zoon na de andere. Rachel, na zeven jaar, baart hem Jozef, zijn lieveling. Dan wil Jakob weg, terug naar zijn land. Laban laat hem niet gaan. In nog eens zes jaar harde dienst bouwt Jakob een enorme kudde op, \u2018schapen, slavinnen, slaven, kamelen en ezels in grote getale\u2019, zo staat het er. En dan na twintig jaar (bij Laban verbleef ik als een vreemdeling, zegt hij) weet hij te ontkomen met vrouwen, kinderen, kudde, terug naar Kana\u00e4n, het land dat aan Abraham, Iza\u00e4k en Jakob is toegezegd. Zijn broer Esau woont in Edom, daar moet hij langs. Hij hoort van boden dat Esau al gehoord heeft dat hij op weg naar Kana\u00e4n is. Esau is al op weg naar jou, zeggen ze, vierhonderd man met hem mee. Jakob wordt bang, doodsbang, doodsbenauwd en hij bidt: red mij toch uit de hand van mijn broeder. Hij komt bij de rivier de Jabbok, en daar begint het beroemde fragment dat wij zo dadelijk zullen horen. <\/p>\n<p>Lezing uit het Boek der Schepping, Genesis 32, vers 23-32<\/p>\n<p>Jakob stond op, in die nacht.<br \/>\nHij nam zijn twee vrouwen, zijn twee slavinnen<br \/>\nen zijn elf kinderen<br \/>\nen trok de voorde van de Jabbok over.<br \/>\nHij nam hen en deed hen de beek over trekken,<br \/>\nwat van hem was deed hij over trekken.<br \/>\nZelf bleef hij achter, alleen, Jakob.<br \/>\nEen man vocht met hem tot het morgenrood daagde.<br \/>\nToen hij zag dat hij hem niet overwinnen kon,<br \/>\nraakte hij hem onder de gordel \u2013<br \/>\nzo werd Jakobs heup ontwricht in dat gevecht met hem.<br \/>\nHij sprak:<br \/>\nLaat mij gaan<br \/>\nwant het morgenrood daagt<br \/>\nMaar hij sprak:<br \/>\nIk laat jou niet gaan, tenzij je mij zegent.<br \/>\nHij sprak tot hem:<br \/>\nHoe is jouw naam?<br \/>\nHij sprak:<br \/>\nJakob.<br \/>\nHij sprak:<br \/>\nVoortaan zal jouw naam niet meer geroepen worden Jakob,<br \/>\nmaar Isra\u00ebl- Strijder met God,<br \/>\nwant jij hebt gestreden met God en met mensen<br \/>\nen je hebt overwonnen.<br \/>\nJakob vroeg en sprak:<br \/>\nEn jij, zeg mij nu jouw naam?<br \/>\nEn hij zegend hem, daar.<br \/>\nJakob riep de naam van die plaats: Peni\u00ebl- Aangezicht tot God,<br \/>\nwant ik heb God gezien, van aangezicht tot aangeaicht,<br \/>\nen mij leven is gered.<br \/>\nDe zon ging op over hem toen hij Penu\u00ebl voorbijtrok,<br \/>\nen hij ging mank, door zijn heup.<\/p>\n<p>Lezing uit het boek Deuteronomium, hoofdstuk 10, vers 16-19<br \/>\nEn nu dan, Isra\u00ebl, wat vraagt<br \/>\nJHWH die jouw God is<br \/>\nanders van jou<br \/>\ndan dat je hem bejegent met ontzag,<br \/>\nJHWH die jouw God is:<br \/>\ndat je g\u00e1\u00e1t op al zijn wegen<br \/>\ndat je hem liefhebt<br \/>\ndat je hem dient<br \/>\nJHWH die jouw God is<br \/>\nmet heel je hart en heel je ziel<br \/>\ndat je bewaakt de opdrachten van JHWH<br \/>\nen zijn voorschriften<br \/>\ndie ik op deze dag jou opdraag<br \/>\njou ten goede.<\/p>\n<p>Besnijdt de voorhuid van jullie harten<br \/>\nen weest niet langer halsstarrig, want:<br \/>\nJHWH die jullie God is<br \/>\ndie is de god van de goden<br \/>\nen de heer der heren<br \/>\nd\u00e9 God, d\u00e9 grote, de sterke, de ontzagwekkende,<br \/>\ndie niemand naar de ogen ziet<br \/>\nen geen steekpenningen aanneemt<br \/>\ndie recht doet aan wees en weduwe,<br \/>\ndie de vreemdeling liefheeft<br \/>\ndie hem brood en kleding geeft.<\/p>\n<p>Gij zult liefhebben de vreemdeling<br \/>\nwant zelf zijn jullie vreemdelingen geweest<br \/>\nin het land Egypte.<\/p>\n<p>2.<br \/>\nEen man vocht met hem tot het \u2018morgenrood daagde\u2019. Een man, je kunt ook vertalen \u2018iemand\u2019. Het tafereel is door vele beeldende kunstenaars en dichters geannexeerd, en wordt dan meestal \u2018het gevecht met de engel\u2019 genoemd. Maar het woord engel \u2013 afgezant &#8211;  bode staat hier niet.<br \/>\nIscha Meijer, die van zijn vader Jakob heel goed Hebreeuws had geleerd, vertaalde tijdens de begrafenis van zijn vader  met wie hij zoals dat heet \u2018in onmin\u2019 leefde deze tekst als volgt: \u2018En Jakob bleef helemaal alleen achter, en hij vocht met zijn eigen zelf tot de dageraad aanbrak\u2019 Ik verstond dat als een eerbetoon aan zijn vader.<br \/>\nHij vocht met zijn eigen zelf. Dat maakt van het twee &#8211;  gevecht een twee \u2013 strijd. En dat herken je: dan wordt dit verhaal ineens een spiegel. Waar vecht je tegen, &#8211;  waar vecht je \u00f3m? Om die ander \u00edn je, die echte, misschien wel het kind in je, om je ziel, om die gelouterde, niet meer angstige die je voorvoelt in jezelf, die je soms even bent, die nog in je geboren moet worden: om die \u2018nog naamloze\u2019 in je.<\/p>\n<p>3.<br \/>\nWaarmee vocht Jakob in zichzelf? Met de bedrieger, de leugenaar, met de bange gladde jongen die als het er op aankomt zich niet laat kennen en zich niet geeft; met de laffe ego\u00efst die hij nog altijd is, na elf zonen en een dochter en twee vrouwen nog altijd. Met de angst voor zijn broer Esau, met het beeld dat hij van Esau heeft, na twintig jaar nog. Zo laat het verhaal Jakob zien: hij heeft uit angst voor Esau zijn terugtocht naar zijn land zo georganiseerd , de karavaan zo opgesteld, dat hij zelf helemaal achteraan komt, afgeschermd, ingedekt, zo veilig mogelijk; het gaat hem om hemzelf, om zijn vege lijf.<br \/>\nTot hiertoe heeft hij in het hele verhaal zijn eigen naam nog nooit uitgesproken. Tegen zijn vader Izaak heeft hij gezegd: \u2018Ik ben het, Esau, uw eerstgeborene\u2019. Zelfs als hij Rachel ontmoet zegt hij zijn naam niet. Pas na dit gevecht zegt hij dat hij Jakob is, voor het eerst.<br \/>\nZo wordt het verteld.<br \/>\nHet is een mysterieus, suggestief, veelduidig verhaal. \u2018Jakob vocht met zijn eigen zelf\u2019, zo kun je het lezen. Toch: de tekst suggereert dat niet Jakob zelf het initiatief nam tot het gevecht. Er staat \u2018een man vocht met hem\u2019-  een ander komt op hem af, slaat hem kreupel, slaat hem tot een ander mens met een nieuwe naam, dat wil zeggen: een nieuwe bestemming. Isra\u00ebl heet hij van nu af &#8211;  \u2018Jij die mij ik maakt\u2019. Zo anders, zo nieuw is dit dat Jakob zegt: Ik heb God gezien, mijn leven is gered. Niet: \u2018ik heb het er levend afgebracht\u2019, maar: \u2018mijn leven is gered \u2018 &#8211;  gered gew\u00f3rden; dat is aan mijn geschied\u2019. De bijbelse taal drukt dat uit in de woorden \u2018God heeft mijn leven gered\u2019, in die redding heb ik God \u2018gezien\u2019, ervaren.<\/p>\n<p>Een nieuwe naam betekent \u2018een nieuwe bestemming\u2019. Er staat dat \u2018de zon opging over hem\u2019- de eerste dag van een nieuw leven. En vanaf nu gaat Jakob voor de karavaan uit, \u2018voor hun aangezicht uit\u2019. Esau komt hem tegemoet, omarmt en kust hem \u2013 en zij huilden.<\/p>\n<p>4.<br \/>\nDe bestemming van Jakob ligt in zijn nieuwe naam \u2018Isra\u00ebl\u2019 besloten: verzoening, vrede. De zegen die hij in dat nachtelijke gevecht ontvangt van die ander die alle anderen is, de Ander, de Gans Andere, die zegen is de opdracht om vrede te stichten op aarde, broederschap en verzoening tussen alle volkeren, een samenleving te bouwen waarin ieder nietig mens veilig is en bestaansrecht heeft. Hoor Israel!<br \/>\nDit is een visioen. Dat visioen staat honderdvoudig in de bijbel opgeschreven, in verhaal en lied. Wat wij onze beschaving noemen is uit dat visioen geboren; verzoening tussen mensen is het perspectief van onze beschaving. Er is in Nederland geen politieke partij die zo\u2019n verheven statement bestrijdt. <\/p>\n<p>Hoe komt verzoening tussen mensen tot stand? Door \u2018inleving\u2019. Dat je leert je in te leven in anderen. Dat je leert denken vanuit anderen, met name vanuit die anderen die nietig zijn, bedreigd, op de vlucht, arm.<br \/>\nEn nu dan Israel, wat vraagt Adonai die jouw God is anders van jou dan dat jij hem bejegent met ontzag, dat je hem liefhebt, &#8211; dat je de vreemdeling liefhebt, dat je je inleeft in die ander die je naaste is, je ongewilde naaste, dat je je indenkt in die vreemde anderen, dat je  als Nederlander je indenkt, invoelt, inleeft in die man en vrouw uit het Rifgebergte, in uit Iran gevluchte homoseksuelen; dat je je als christen of verlicht agnost inleeft in een moslim voor wie Mohammed heilig is. Zo, en niet anders komt broederschap, verzoening, vrede en een menswaardige wereld tot stand.<br \/>\nDat kan ieder kind leren begrijpen. En beschaving is dat je probeert elkaar dit te leren begrijpen, onder \u00e1lle omstandigheden, tegen geweld en angst en welvaartskoorts in.<br \/>\nEr is een wereldliteratuur en een Nederlandse literatuur die bewijst dat mensen tot inleving in anderen in staat zijn en ernaar verlangen. Literatuur is inleving, herkenning, verzoening. Rembrandt heeft het geschilderd, Gerard Reve en Oek de Jong en al die anderen hebben het neergeschreven en door alle zangers van het levenslied wordt het gezongen. En er is in Nederland geen politieke partij die dit bestrijdt. <\/p>\n<p>Maar er is in Nederland een coalitie van politieke partijen aan de macht die een Servisch meisje van zeventien wegjaagt. En 270 Syrische vluchtelingen terug wil geven aan een moorddadig regime en vindt dat Iran veilig genoeg is voor homoseksuelen.  Die mensen zonder de nodige papieren gevangen zet en vernedert, en op elkaar loslaat in detentieboten in de Rotterdamse haven, huiveringwekkend. En die zich daarvoor beroept op een wet, en blijkbaar over een apparaat beschikt dat bereid is die wet uit te voeren. Een wet die nietige, bedreigde, vluchtende mensen opjaagt is een onmenselijke wet. In een beschaafd land moet zo\u2019n wet herschreven worden. Geen van de oppositiepartijen heeft nog in het vooruitzicht gesteld die wet te zullen herschrijven als zij aan de macht zijn.<\/p>\n<p>\u2019Nood breekt wet\u2019, weet ons geweten, in onze taal verankerd. Daar gaat de hele bijbel over, en heel veel wereldliteratuur. En alle muziek. Wij worden geregeerd door mensen die de nood van uitgeprocedeerde asielzoekers niet kunnen inschatten, en dat ook niet willen.<\/p>\n<p>5.<br \/>\nDrie weken geleden ging het hier ook al over. Moet het nu weer? Ja weer, desnoods iedere week, omdat er iedere week op ons visioen wordt ingebeukt. En omdat we in een mum vergeten waar het om gaat en afstompen en verharden en geneigd zijn de evidentie van het visioen in te ruilen tegen ingewikkelde laffe redeneringen.<br \/>\nWaar het om gaat? Om onze moeizaam bevochten beschaving, om onze waardigheid, geloofwaardigheid, om onze geloofwaardigheid voor onze kinderen. Die komen er ooit achter dat de generatie van hun ouders in meerderheid dat inhumane asielbeleid wel goed vond. God geve dat zij zich over ons schamen.<\/p>\n<p>Wij zijn nog ver weg van het grote verhaal: Jakob en Esau die elkaar omhelzen, visioen van verzoening. Wij zijn ver weg van wat wij zingen: \u2018blinde muren zacht licht water geworden\u2019. Maar juist daarom is het, dat wij het zingen.<\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Beloofd. De preek-toespraak van afgelopen zondag in De Amsterdamse Studentenekklesia. Te gast: Huub Oosterhuis. 1. Welkom, lieve gemeente. U krijgt een stevig woord vooraf, opdat u een beetje bent toegerust om de schriftlezing te aanhoren en in uw geheugen op &hellip; <a href=\"https:\/\/www.anjameulenbelt.nl\/weblog\/2006\/03\/24\/huub-oosterhuis\/\">Lees verder <span class=\"meta-nav\">&rarr;<\/span><\/a><\/p>\n","protected":false},"author":2,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"footnotes":"","_jetpack_memberships_contains_paid_content":false},"categories":[6,8,14],"tags":[136],"jetpack_sharing_enabled":true,"jetpack_featured_media_url":"","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.anjameulenbelt.nl\/weblog\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/1654"}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.anjameulenbelt.nl\/weblog\/wp-json\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.anjameulenbelt.nl\/weblog\/wp-json\/wp\/v2\/types\/post"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.anjameulenbelt.nl\/weblog\/wp-json\/wp\/v2\/users\/2"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.anjameulenbelt.nl\/weblog\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=1654"}],"version-history":[{"count":1,"href":"https:\/\/www.anjameulenbelt.nl\/weblog\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/1654\/revisions"}],"predecessor-version":[{"id":58808,"href":"https:\/\/www.anjameulenbelt.nl\/weblog\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/1654\/revisions\/58808"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.anjameulenbelt.nl\/weblog\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=1654"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.anjameulenbelt.nl\/weblog\/wp-json\/wp\/v2\/categories?post=1654"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.anjameulenbelt.nl\/weblog\/wp-json\/wp\/v2\/tags?post=1654"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}