Gaza 1 april 2009

aaaagaza-18.jpg

Laatste trainingsdag. Jan gaat met de teams door op het thema van gisteren: wat doe je met angst, hoe ‘ontlaad’ je dat? Schreeuwen, bibberen, de liefdevolle aanraking van een ander mens helpt, en leren hoe je je lichaam kunt ontspannen. We doen weer simpele oefeningen. Stilte, een paar minuten je ogen dicht en alleen aandacht voor je ademhaling. Het werkt vooral, hoe dat komt weten we ook niet, als je zoiets doet in een groep, met de aandacht van iedereen. Zoals in je eentje huilen lang niet altijd oplucht, maar met liefdevolle aandacht van een ander er bij bijna altijd wel.

aaaagaza-21.jpg

aaaagaza-19.jpg

Dan werken ze in groepjes aan het ontladen van angst, schreeuwen, bibberen, af en toe begint iemand te huilen, ook dat hoort erbij, en er wordt ook onbedaarlijk gelachen, wat ook ontzettend ontspant. In de deuropeningen staat de rest van de staf nieuwsgierig toe te kijken waar al dat lawaai vandaan komt, de mensen van de keuken en het kantoor, de chauffeurs, Khaled en Mohammed en Reem staan te lachen. Helpt het, dat malle geschreeuw? Nou en of het helpt. Het helpt tegen dat gevoel van verstikking en bevriezing, alsof je keel wordt dichtgeknepen, alsof je van angst totaal verlamd wordt, het helpt tegen de depressie.

aaaagaza-14.jpg

aaaagaza-13.jpg

aaaagaza-12.jpg

aaaagaza-11.jpg

Dit is duidelijk voor Jan en mij: een paar jaar geleden had dit nog niet gekund, in deze cultuur van flink blijven en je niet laten kennen, lijden in je eentje en er niet over praten en je schamen voor je ‘zwakte’. Dat het nu wel kan komt ook door de jarenlange band van vertrouwen die we hebben opgebouwd. Dia zegt het nog eens plechtig: jullie zijn echt met ons verbonden, Jan en Anja en Joes, we hebben jullie zien huilen, we voelen dat jullie hart bij ons is. En dat zegt uitgerekend Dia die lange tijd geheel dwars ging liggen bij al die psychologische onzin.

Het enige punt dat er toe doet is: werkt het. Het werkt. Ik kijk de kring rond en ik zeg het hardop: jullie zijn zo anders dan gisteren, ik zie warme, open, ontspannen koppen, het is alsof jullie je schoon hebben gemaakt, alsof jullie je schoon hebben laten wassen door een lekker lenteregentje. Ze knikken. Ja zo voelt het ook. Een geweldige opluchting. Nee, de wereld is er niet door veranderd, de dreiging blijft even reëel. Maar het is zo heerlijk om even de ervaring te hebben dat je je weer gewoon mens kunt voelen.

aaaagaza-10.jpg

aaaagaza-9.jpg

aaaagaza-8.jpg

aaaagaza-6.jpg

aaaagaza-4.jpg

Dan wordt nog iets duidelijk: dat deze non-verbale methoden van ontladen wel raar zijn, maar veel veiliger dan elkaar hun problemen te vertellen. Niet alleen blijf je dan erg in je hoofd steken, het wordt in deze samenleving ook onveilig gevonden om te veel over jezelf te vertellen. Er is altijd je familie en je buren, het is een samenleving met een zware sociale controle, en de onveiligheid is ontzettend toegenomen door de interne conflicten. Andere mensen moeten niet te veel over je weten. Dus voelt het als onveilig om je kwetsbaar op te stellen en je ziel bloot te leggen. Ik heb het er wel eens met Khaled over gehad, die van huis uit zo gesloten is als een oester – dat krijg je als je in het verzet hebt gezeten – en altijd denkt: hoe minder ze van je weten hoe veiliger. En bijna geschokt is als hij merkt hoeveel ik van mezelf aan de openbaarheid bloot geef. En dat hij mij, en Jan, in zekere mate vertrouwt is vooral omdat we buitenlanders zijn, en geen deel uitmaken van het systeem. Wat hij doet als hij het te kwaad heeft? Schreeuwen tegen de zee.

Dit is dus wat het team kan leren, dat je mensen kunt helpen om hun gevoelens van angst en verdriet en woede te ontladen, en dat je dat ook kunt doen zonder woorden, dat je heel goed iemand kunt troosten zonder precies te weten wat hem zo zeer doet.

aaaagaza-17.jpg

aaaagaza-16.jpg

aaaagaza-15.jpg

Zoals altijd bij zulke trainingen komen er mensen naar Jan toe die graag apart met hem willen praten. Een jonge man biecht op dat hij het niet meer ziet zitten en eigenlijk het liefste dood wil. Wat overal een taboe is, maar daar nog veel meer. Heeft hij kinderen? Ja, hij heeft twee kinderen. Hou je van ze? Ja, ik hou ontzettend van ze. Ja, voor zijn kinderen zou hij moeten blijven leven. Of hij wil beloven dat hij nog leeft, de volgende keer dat we komen, en er meer tijd is om met hem te praten waarom hij dood wil? Plechtig belooft hij het. Ook die man is opgelucht, dat hij zijn last niet meer helemaal alleen hoeft te dragen. We zouden dit nooit kunnen doen als we niet steeds weer opnieuw terugkomen. De continuïteit, dat we bij ze blijven, dat ze op ons kunnen rekenen, al is het steeds maar voor kort, is minstens zo belangrijk als de praktische hulp en het geld.

aaaagaza-22.jpg

We gaan weer naar huis, Jan en ik. Laatste gesprekken. Het gaat wel goed met de jongens van Khaled. De internationale/Amerikaanse school die is gebombardeerd gaat door in een gehuurd flatgebouw, en de oudste wil toewerken naar een studiebeurs in de VS. Hij maakt een hele goede kans, als hij de komende twee jaar knoerthard werkt. Een doel in zijn leven, iets van een mogelijkheid om uit deze ellende te komen. We gaan opnieuw proberen om ze er voor een vakantie in Amsterdam uit te krijgen, in de zomer. Vorig jaar is het, na twee jaar gehannes en gedoe eindelijk gelukt. Wie weet.

In Tel Aviv, die hele andere wereld, heb ik ’s avonds een gesprek met een Israëlische activiste. Ze vertelt me haar verhaal in vertrouwen, dus ik noem haar naam niet. Ze hoort bij de uitzonderlijke groepen die echt tegen de bezetting zijn, die tegen de oorlog tegen Gaza waren, die werden uitgescholden en bespuugd toen ze demonstreerden, maar die, ik denk haast tegen beter weten in, denken dat het mogelijk moet zijn om Israël nog te veranderen. Al wordt ze intens somber van de politieke ontwikkelingen en de ruk naar nog rechtser. Hoe ze het volhoudt, vraag ik haar, ze wordt binnen Israël toch bijna gezien als een landverrader? De kritiek raakt haar niet zo, zegt ze, wel dat we niets hebben bereikt in al die jaren. De situatie is alleen maar slechter geworden.

Ik stel haar de vraag die ik al eerder heb gesteld aan Israëlische activisten, en waar ik eigenlijk nooit echt antwoord op krijg: hoe komt het dat jij, dwars tegen die de heersende oorlogszuchtige cultuur heen, een andere koers hebt gekozen, heb je dat van huis uit meegekregen, het vermogen om kritisch te blijven, te blijven zien wat je eigen land doet? Nee, ze heeft het niet van huis uit meegekregen, haar moeder is gelijk met haar activiste geworden, een paar jaar geleden.

Weet je wat het is, zegt ze. Als kind en later, als jongere, was ik geobsedeerd door de Holocaust, ik las er alles over, ik wilde alles weten. Nee, mijn ouders waren geen overlevenden, die waren op tijd weggekomen, die waren al hier toen het gebeurde. Ik heb me afgevraagd hoe dat kon gebeuren in een beschaafd land, die waanzinnige massamoord. En net als iedereen dacht ik: dit mag nooit meer gebeuren. Maar het verschil: ik dacht, dit mag mensen niet meer worden aangedaan, maar anderen dachten: dit mag joden nooit meer worden aangedaan. Ik ben joods, maar mijn schok was niet dat het joden waren die het slachtoffer waren, ik dacht: het zijn mensen die andere mensen zoiets aan kunnen doen. Dus onze wegen scheidden zich, tussen de Israeli’s, tussen de joden die denken: wij joden, of die denken: wij mensen.

Ik krijg ruzie met mensen die zeggen: wat jullie doen in Gaza, dat is net de holocaust. Hoe kan het dat jullie die zo hebben geleden en zijn vervolgd en bijna uitgeroeid dat nu doen met een ander volk. Ik krijg ruzie omdat ik zeg: dat in Gaza is geen holocaust, het is daar geen fabriek waar mensen met honderdduizenden industrieel worden afgemaakt. Maar tegelijkertijd krijg ik ook ruzie met de mensen die ontkennen dat het een holocaust is, omdat ik zie dat de mindset hetzelfde is: dat er mensen zijn, een ander soort mensen, die je af mag maken, die dood mogen. En daarin zijn wij niet anders dan de vervolgers van toen. Behalve dat we heel goed weten dat een industriële massavernietiging niet meer kan.

Hoe je die mindset kunt veranderen? Ze weet het niet. Wel zegt ze dat aanvallen door buitenstaanders op Israël als geheel alleen maar zorgt dat de gelederen zich verder sluiten, en dat Israëli’s zich onbegrepen voelen, en denken: de hele wereld is tegen ons en ze moeten ons niet omdat we joden zijn, we hebben er altijd alleen voor gestaan en zo blijft dat. Dat is dan dus tamelijk hopeloos, zeg ik, maar daar wil ze dan ook niet van horen. Zij gaat door, met demonstreren, tegen de bierkaai. Haar doel is om in Israël het Arabische vredesvoorstel te promoten. Het lijkt mij dat het woord ‘Arabisch’ de meeste Israëli’s al volledig de bomen injaagt, zeg ik. Ja maar, zegt ze, als de joden hier nou eens tot zich door laten dringen dat het echt mogelijk is om vrede te sluiten, in één keer, met al die omringende Arabische landen, dat zou toch ook een geweldige opluchting kunnen zijn? Zelfs landen als Syrië bieden vrede aan. Dat is toch wat de mensen in wezen zouden willen? We kunnen toch begrijpen dat je niet eeuwig in oorlog kunt blijven leven zonder zelf kapot te gaan? Op deze manier is er toch ook voor ons geen toekomst?

We zijn nog lang niet uitgepraat maar ze moet naar haar volgende bijeenkomst en ik moet mijn koffer pakken. We omarmen elkaar alsof we elkaar al jaren kennen.

aaaagaza-7.jpg

aaaagaza-3.jpg

aaaagaza-5.jpg

aaaagaza-1.jpg

aaaagaza-2.jpg

4 gedachten over “Gaza 1 april 2009

  1. Wat mij raakt is dat elke keer terugkomen en weten “dat jullie ze niet in de steek laten”. Jan en Anja en anderen van het team. Ik ben onder de indruk hoe jullie het laten “werken”. Vooral dat stukje over het omzeilen van de “sociale controle” en het scheppen van vertrouwelijkheid door juist niet zo veel te benoemen zette me aan het denken over eigen toepassingen in eigen settings (buurt, wijk, werk enz.). Dank en tot later

  2. Anne-Marie, ik was nog twee foto’s vergeten die ik er onder heb geplakt, dus die jij bedoelde is nu de vijfde van onderen.
    Ja, het is precies wat ik ook dacht. Het is niet zo veel verschil. Het is hier ook de bakermat. Ik zie Jezus ook wel eens lopen tussen de olijvenbomen, en sommige mannen heten ook Jezus: Issa. En het lijden, dat is ook hetzelfde. Dit volk weet alles van lijden en verliezen.

  3. Ik heb maar 1 woord voor jullie daden, maar ook voor jouw foto’s Mevr. Meulenbelt: Soubhaan Allah (geprezen zij Allah)! Echt prachtig en oprecht!

Reacties zijn gesloten.