Nog eens, over Iran

Dan zal ik het nog maar even uitleggen, voor de slechte verstaander, want voor de goede verstaanders, die al langer mijn weblog volgen, is dat niet nodig. De slechte verstaanders, dat zijn de lui aan de rechterkant van het web, die er altijd op uit zijn om eens even flink tekeer te gaan, is het niet iets waar we het echt en reëel over oneens zijn, dan verzinnen ze er wel wat bij.

Zo ook nu, over Iran.
Uiteraard voel ik me zeer betrokken, wat blijkt (o.a.) uit de reportage die ik maakte over de demonstratie in Den Haag, ik zette de link naar het filmpje over de dood van Neda erop, en ik geef informatie door die mij relevant en betrouwbaar lijkt, en ik volg alles wat mij kan helpen om te begrijpen wat er gebeurt.

Uiteraard sta ik altijd aan de kant van de bevolking die meer vrijheid en meer democratie wil. Niemand heeft enige reden om daaraan twijfelen. Dus: als blijkt dat er met de verkiezingen is gefraudeerd, dan is er reden om te protesteren, en zeker is er reden om te protesteren tegen de harde manier waarop er tegen demonstranten is opgetreden.

Maar. Dat wil nog niet zeggen dat het voor buitenstaanders zo simpel is wie de good guys en wie de bad guys zijn, zoals ik al opmerkte. Wat ik daarmee bedoel, is dat er kennelijk een groot deel – zo niet het grootste (dat weten we niet) deel van de bevolking is dat op Ahmadinejad heeft gestemd. Dat mogen wij met ons simpele vijandbeeld raar vinden – in feite gaat het ons niet aan. Het Westen denkt wel vaker dat wij kunnen beslissen wat voor een ander volk goed is – zie het feit dat we meegeholpen hebben om Gaza te blokkeren en te boycotten toen de bevolking in een vlekkeloos verlopen verkiezing Hamas als leider koos – maar dat is nu juist precies waarom zoveel mensen in het Midden-Oosten een fiks wantrouwen hebben tegen de beterweters in Europa.

Wat ik er inmiddels van weet is dat het niet aan ons is om te zeggen: Ahmadinejad is 100% fout en dus is Mousavi 100% goed. Zie Peyman Jafari:

Mousavi is geen buitenstaander. Hij is een volgeling van de islamitische revolutie van Khomeini. In de jaren tachtig was hij de rechterhand van Khomeini. Nou staat hij lijnrecht tegenover het kamp van Khamenei en Ahmadinejad. Het is oorlog binnen de elite: de ene helft tracht de andere helft te elimineren. Daardoor wordt de machtsbasis voor het regime kleiner.’

Het gaat dus, onder andere, om een interne strijd tussen verschillende islamitische leiders. Het gaat ook over de strijd van de bevolking die meer vrijheid wil. Dat is voor het grootste deel van de bevolking geen strijd tegen de islam, maar een strijd om zelf te mogen bepalen of ze geloven en hoe ze geloven.

Die mensen zijn er helemaal niet mee geholpen als de ‘solidariteit’ wordt geclaimd door islamofoob rechts hier, integendeel. Jafari waarschuwt ervoor, dat we ons er niet te veel mee moeten bemoeien, want hoe meer het protest gevoed lijkt door het Westen, hoe meer het regime de hakken in het zand zal zetten, en de westerse inmenging als argument zal gebruiken om de oppositie nog verder buiten spel te zetten. Werkelijke solidariteit zal geleid moeten worden door de mensen zelf, zij zijn de enigen die kunnen en mogen bepalen wat voor steun ze van ons willen. We mogen, onder andere, niet vergeten dat de Iraniërs meer dan voldoende reden hebben om het Westen diep te wantrouwen, en we kunnen ook weten dat een deel van Ahmadinejads populariteit erop is gebaseerd dat hij zich zo militant afzet tegen westerse inmenging. Ik wil graag solidair zijn met de mensen die meer vrijheid willen, maar zijzelf zijn degenen die ons duidelijk moeten maken hoe en door wie ze gesteund willen worden.

Ik voel er dus niets voor om in deze kwestie mee te gaan in het simpele zwart-wit schema van de islam bestrijdend rechts. En dat betekent niet dat ik me niet betrokken voel bij de strijd van de bevolking voor meer vrijheid, wat iedereen die niet te kwader trouw is kan weten.

Dus nog eens: dit is geen discussiestuk. Ik doe mijn best om me op de hoogte te stellen en er meer van te begrijpen, maar tot nu toe voel ik me niet bevoegd om een zinnige discussie te kunnen modereren. Wie over de kwestie met elkaar in de clinch wil kan zich vervoegen bij de mensen die er meer van af weten dan ik, of kunnen terecht op de sites waar iedereen door elkaar heen schettert en het niet uit lijkt te maken wie er misschien ook nog wat van af weet. Hier doen we dat niet zo. Ons past enige bescheidenheid.

4 gedachten over “Nog eens, over Iran

  1. Ik denk dat het to the point is.
    Het is een diepgaand meningsverschil over de verkiezingsuitslag. Volgens mij is het verzet niet specifiek anti-islam. Het gaat om vertrouwen in leiders. Een deel van de Iraanse bevolking vertrouwt ze niet en vertrouwt daarmee ook de uitslag niet.
    Gewapend geweld tegen ongewapende demonstranten is altijd verwerpelijk.

  2. Ik schijn het nog niet duidelijk genoeg hebben gezegd: of ik het met je eens ben of niet, dit stuk is niet bedoeld voor discussie.

  3. Er valt ook niets te discussiëren want je hebt gewoon een goed, tweezijdig belicht verhaal geschreven, iets wat je ook eens moet doen over Palestina/Israel.

  4. Er valt heel veel te discussiëren over Iran, Margo, alleen vind ik dat mensen dat doen moeten die er meer vanaf weten dan ik. Dat is anders dan met Palestina/Israel waar ik al zo lang bij betrokken ben dat ik wel degelijk vind dat ik daar veel over te zeggen heb en ook in staat ben om een discussie modereren.

    Dus kan ik je ook vertellen dat de kwestie met Palestina heel anders ligt dan Iran. In het ene land strijd tussen regime en bevolking, een interne strijd dus waarbij je je echt de vraag moet stellen of je de mensen helpt als je je er te veel in mengt. In het andere geval een bezettende mogendheid die een ander volk onderdrukt – en met onze hulp. In dat geval zijn we zwaar medeplichtig en moeten daar wel degelijk stelling in nemen- zoals we dat eens met Zuid Afrika ook hebben gedaan. Groot verschil dus en je krijgt in beide gevallen van mij dus ook een ander verhaal.

    Wil je meer weten waarom, zie de paradigmastrijd, hier.

Reacties zijn gesloten.