Over politieke spiritualiteit

Het lijken twee totaal verschillende, zelfs tegenovergestelde werelden: die van de politiek, van de politieke actie, van maatschappijkritiek. Van gezamenlijk opstaan tegen onrechtvaardigheid. En dan die van de spiritualiteit, geloof, de persoonlijke ontplooiing. Twee werelden met twee verschillende talen, en veel misverstanden en oordelen over en weer. Die niet allemaal onterecht zijn, hoor, die oordelen. We hadden, lang geleden, al de controverses tussen de ‘spiri’s’ en de ‘poli’s’. ‘Wat heb je aan dat softe gedoe met vrouwen die voor heks spelen en zich niet bemoeien met de macht in de wereld, zo maak je je eigen getto’, zei de ene kant. ‘Wat heb je er aan om mee te doen aan de mannenmacht en net zo te worden als die mannen’, zei de andere kant.

Ik lees een boek van Andrew Samuels, A new Therapy for politics? Samuels is een Britse therapeut die vindt dat hij zich vanuit zijn expertise ook moet bemoeien met de grote problemen in de wereld, en niet alleen met het lief en leed van zijn cliënten. Vooral omdat hij zo scherp ziet hoe zijn cliënten niet alleen last hebben van hun moeilijke jeugd – ja we zijn allemaal wel meer of minder beschadigd – maar ook last hebben van de wereld waarin we leven. Die thema’s die je niet in alle spreekkamers van therapeuten zult horen, en waar veel therapeuten ook niet naar vragen. Terwijl het voor activisten zo duidelijk is, dat ongelijkheid slecht is voor mensen, dat racisme beschadigt, in de eerste plaats de slachtoffers ervan, maar, op een andere manier beschadigt het ook de mensen die gevangen zitten in een blinde witheid. De beschadiging door armoede. De beschadiging van discriminatie op klasse. De schade die het neoliberalisme aanricht in onze levens. De beschadiging door het genderkeurslijf, de heteronormativiteit, de transfobie. Enzovoorts.

Voor mij als feministe heeft die binnenwereld en die buitenwereld altijd bij elkaar gehoord. Het is vanuit dat feminisme als drijfveer, het persoonlijke is politiek (en het politieke is altijd ook persoonlijk) dat ik in de jaren negentig een serie bijeenkomsten organiseerde in De Rode Hoed onder de titel ‘De wereld in therapie’ – waarbij ik hulpverleners van divers pluimage uitnodigde om vanuit hun expertise een verhaal te houden over wat er mis is in onze samenleving, en wat daaraan gedaan zou moeten worden. Met als provocerend idee dat hulpverleners die elke dag de pijn van mensen zien beter weten hoe de wereld er voor staat dan de gemiddelde politicus. Andrew Samuels was een van de sprekers.

Samuels ziet hoe mensen kunnen helen door zich te weren tegen onrechtvaardigheid, door samen actie te ondernemen, en daarmee iets constructiefs te doen met hun vernedering en hun woede. Hij heeft een term bedacht, die ik graag doorgeef. Die van ‘politieke spiritualiteit’. Ja, je leest het goed. Politieke spiritualiteit. Ik denk dat iedereen die actie voert weet wat dat is, al benoemen we het nooit zo. Dat is als ik met een paar duizend mensen in Bredene naar de dochter van Che Guevara luister hoe ze in het Spaans de Internationale zingt en ik opeens tranen in mijn ogen heb. Dat is als ik samen met Jazie, met de armen om elkaar heen deelneem aan de transgendergedenkdag, waar de namen worden opgenoemd van alle trans mensen die het afgelopen jaar zijn gedood. Wij zijn geen van tweeën trans. Maar het zijn wel onze mensen die worden bedreigd en vermoord, en we kunnen er niet tegen. Dat is als ik in kerk De Duif naast oude vriend Jan Andreae zit, met wie ik zoveel heb meegemaakt in Gaza, in het voormalige Joegoslavië, en we alletwee in tranen zijn bij de woorden van Sylvana Simons.“Wat doen we met de scherven, de kneuzingen, de schaafwonden en blauwe plekken die achterblijven iedere keer dat we getroffen worden door de haat, de onwil, de hoon en het geweld?… Zolang we onze wonden verzorgen met compassie, kwetsbaarheid, verwondering, en zachtheid. Zo lang maken wij kans om samen te komen. Samen tot nieuwe inzichten, samen tot nieuwe waarden, samen tot een nieuwe werkelijkheid.”

Even opgetild worden. Even een glimp van de wereld zoals die zou moeten zijn. Een wereld waarin we naast elkaar staan. Een wereld waarin we elkaar vasthouden. We doen het om de rechtvaardigheid. We noemen het solidariteit, of, als we dat niet vreselijk onpolitiek vinden klinken, liefde. Dat is politieke spiritualiteit, die momenten. Hoop tegen de wanhoop. Die maakt dat we weer door kunnen.
We kunnen hopen op zulke momenten.
We kunnen ze maken