Tony Judt: “Het land is moe”

Ik ben een groot bewonderaar van Tony Judt, wat begon met zijn stellingname over de huidige politiek van de staat Israël. Wat hij zei was niet zo nieuw, dat hij het zei, een gerenommeerd intellectueel, een historicus met een meesterwerk – Postwar – op zijn naam waarin hij in één greep de naoorlogse geschiedenis van Europa, zowel west als oost samenvat, en een jood, die zonder excuses zegt: “het Israël van vandaag is slecht voor de joden”. Uiteraard kwam hem dat op een furieuze storm van protest te staan, pogingen om hem het spreken te beletten inclusief de geijkte verwijten dat hij een fanatieke, zelfhatende linkse jood zou zijn. (Meer over zijn stellingname over Israël hier.)

Judt heeft een slopende spierziekte, waardoor hij vrijwel geheel verlamd is. Maar zijn hersens doen het nog, en hij kan nog spreken, al weet niemand hoe lang nog. In een interview in De Groene zegt hij:

‘De ziekte is alsof je voor de rest van je leven in de gevangenis wordt opfgesloten, zonder kans op vervroegde vrijlating, en de gevangenis wordt elke week twintig centimeter kleiner. Ik weet dat ik ergens in de toekomst zal worden verpletterd en dood zal gaan, maar weet niet precies wanneer.’

Judt heeft haast om de gedachten die hij nog niet had opgeschreven, en zijn zorg over de stand van zaken in de westerse samenlevingen nog met ons te delen. Hij schreef “Ill fares the land“, in het nederlands vertaald als “Het land is moe“. Judt is de zoon van joodse marxistische anticommunisten (die heb je dus ook), was als jonge man vurig zionist, maar raakte zwaar gedesillisioneerd, en staat kritisch zowel tegenover rechts als links – maar blijft wel de vragen stellen waar het nu om gaat. In het eerste hoofdstuk van zijn boek, dat vertaald in De Groene verscheen, omschrijft het probleem: “Er is iets fundamenteel mis met de manier waarop wij vandaag de dag leven. Dertig jaar lang hebben we de jacht op materiee; eigenbelang als een deugd beschouwd”. En dat heeft ons gevoel voor de collectieve zaak ondermijnd.

In een aantal westerse landen, met name de VS en Engeland, is de kloof tussen rijk en arm alleen maar gegroeid (Nederland komt er nog genadig van af, in vergelijking) met desastreuze gevolgen. Ongelijkheid werkt ondermijnend. Het verpest een maatschappij van binnen uit. Judt geeft daar vele voorbeelden van: bestaansonzekerheid veroorzaakt angst en onveiligheid. En die angst en gevoel van onveiligheid brengen onder andere angst voor verandering voort, angst voor vreemdelingen en het vreemd worden van de omgeving, het tast het vertrouwen en de neiging tot wederkerigheid en zorg voor elkaar af waar een samenleving op berust. In de landen die hij noemt is de sociale mobiliteit afgenomen: het wordt steeds moeilijker voor mensen onderaan de maatschappij om nog aan hun armoede te ontkomen: de oude spreuk “wie voor een dubbeltje geboren wordt, wordt nooit een kwartje”, blijkt in die landen opnieuw dubbel en dwars op te gaan.

Zelfs het wederzijdse vertrouwen van de burgers en het vertrouwen in de politiek blijken te verminderen naarmate de ongelijkheid groter wordt. En sociale ongelijkheid blijkt een direct verband te houden met andere problemen, als zuigelingensterfte, levensverwachting, criminaliteit, gevangenschap en criminaliteit, tienerzwangerschappen, werkloosheid, psychische stoornissen, verslaving, dikte en schulden. Problemen die niet op te lossen zijn wanneer de ongelijkheid niet wordt aangepakt. En daarvoor, schrijft Judt, moeten we de taak van de staat herformuleren.

Ik ben nog maar één hoofdstuk in het boek gevorderd, en geef nog geen oordeel over de richting waarin Judt de oplossingen zoekt, maar zijn zorg en de vragen die hij stelt deel ik. We hebben helaas weinig ‘publieke intellectuelen’ die met zo’n grote greep naar de actuele geschiedenis durven te kijken, en het is erg dat we hem over enige tijd gaan verliezen. Dat ik toch al over Judt schrijf is omdat het laatste nummer van de Groene Amsterdammer een special is naar aanleiding van Judt’s nieuwe boek, Manifest voor een nieuwe politiek, met een vertaling van het eerste hoofdstuk, een uitgebreid interview met Judt en commentaar van Felix Rottenberg. Helaas zijn nou net die drie stukken niet opgenomen op de website van De Groene, dus je zult de special moeten kopen – kan nog net voor het nieuwe nummer uitkomt.

9 gedachten over “Tony Judt: “Het land is moe”

  1. Het exemplaar van De Groene Amsterdammer ligt ook op mijn bureau. Inderdaad Judt is een eyeopener. Ben ook bezig in het boek. Het raakt me dat er toch ook mensen zijn die verder durven te reiken dan de in mijn ogen vastgeroeste politici die elkaar in grote mate lijken na te praten en waarom vraag je je af.

    Zou er overigens een verband zijn tussen zijn ziekte en het feit dat hij verder durft te kijken?

    Ik zeg dit niet zomaar. Immers de meeste politici zijn dermate goed van lijf en leden en geest dat ze ervan uitgaan dat alle mensen hun niveau moeten kunnen bereiken. De spreekwoordelijke worc-a-holic schijnt een eretitel te zijn. Helaas als je zo hard werkt zoals de meeste politici dan is er geen tijd meer voor reflectie. En het is nu juist in de reflectie dat openingen in vastgeroeste denkpatronen kunnen komen.

    Diversiteit voor mensen is al bijna net zo ver te zoeken als in de gewassen!

    Overigens luidt de kop van het artikel in ‘De Groene Amsterdammer’ (nummer 19 2010) “Stem kapitalistisch en u hebt recht op rijkdom” van de Franse oud premier Michel Rocard. Hij deelt met name de analyse van Judt dat er een nieuwe vocabulair nodig is om marktdenken een socialer gezicht te geven. Immers volgens Judt hebben politici ‘het vrije marktdenken van toepassing verklaard op de openbare dienstverlening!’

  2. Ik ben er nooit zo dol op om bij mensen die ik niet persoonlijk ken te gaan psychologiseren. Misschien juist omdat ik meer uit het hulpverlenerscircuit kom dan uit de politiek. Ik geloof niet dat politici per definitie gezonder zouden zijn, ik ga er niet zomaar van uit dat Judt ziek is omdat hij verder durft te kijken. Als je daar ziek van werd was ik al dood en ik ken nog wel meer mensen die dan niet oud zouden zijn geworden.

  3. Anja, ik zeg niet dat Judt ziek is omdat hij verder durft te kijken. Ik vraag mij af of wellicht zijn ziekte te maken heeft met zijn verder kunnen kijken.

    Uit ervaring weet ik dat als je indringende ervaringen hebt, waaronder in mijn beleving ook een ernstige chronische ziekte valt, dat je blikveld zich kan verplaatsten, verruimen.

    Zo zie je ook aan bijvoorbeeld Marcel van Dam, nu hij wat ouder is dat hij op een heel andere manier naar mensen met ‘gebreken’ kijkt. Zoals je kunt lezen in zijn ‘Onrendabelen’. Dat is toch niet zo gek?

  4. Er was een tijd nog niet zo lang geleden dat we niet eens wisten wat dat waren: lange urls. Vroeger ging je gewoon naar de kapper.

  5. Dank je Clara. Ik heb het meteen toegepast on de boodschap die onder de volgende ingekorte link schuilgaat.

    http://bit.ly/c05Sbx

    Noam Chomsky, is de toegang tot het Heilige Land geweigerd. dat is een aantekening waard. Hij is voor mij nog steeds een ‘held’ uit mijn reeds lang vervlogen ‘studententijd’ zeg maar (Anja trouwens ook).

  6. Nou ja, het was dus een vergissing, zei de Israëlische overheid om Noam Chomsky de toegang te weigeren tot Het Heilige Land, ook al spreekt Naom zich openlijk uit voor een boycot. Het had iets te maken met een klerk van een lagere rang.

    Voor de geïnteresseerden maar ook zeker voor de voortgang hierbij de link:

    http://bit.ly/bhRuR5

  7. Tess Jungblut, Ik vind het een bijzondere vraag die je stelt: ”of zijn ziekte verband hield met zijn verder kijken”. Ergens denkzelf dat je gelijkt hebt, hoewel dat moeilijk uit te leggen is. Ikzelf ben lang heel erg ziek geweest en heb echt op het randje van de doodgelegen. Hierdoor heb ik een tijdlang in comateuze toestand gelegen en een bijna-dood-ervaring ondergaan.

    Door dit alles ben ik een ander mens geworden dat werd mij ook gezegd toen ik weer naar dit leven terugging ”je gaat transformeren”. Met deze woorden werd ik wakker en helder, dus totaal geen verwarring na zes weken in comateuze toestand. De artsen verbaast, maar dit allemaal terzijde gelaten.

    Ikzelf denk dat je een kwatumsprong maakt en je trillingsniveau hoger wordt hierdoor ben je na mijnsinzien vatbaarder voor allerlei kwalen en vooral negativiteit van de wereld heeft meer invloed op je aura. Het is een bewustzijnsprong. Ook begrijp ik dat de wereld in een hogere trillingniveau is gekomen en vele mensen die dit niveaulevel niet aankunnen sterven. Kanker en hartkwalen zijn de meest voorkomende ziektes waar men in deze periodes aan zal overlijden.

    Men zal wel denken waar baseert ze dat op. Soms weet je dingen, dat is gevoelsmatig. Dus ik vind die stelling niet zo gek vanuit mijn gevoel (intuitie). We zijn meer dan een ademend wezen.

    In ieder geval heeft deze meneer Judt ons een mooie erfenis nagelaten, waar wij voorstaan met z’n allen.

Reacties zijn gesloten.