Waar vechten ze voor?

Vertaling van het stuk van Reinhart, dat hieronder in het engels staat. Met vereende krachten, dank aan Kees Wagtendonk en ace.

Waar vechten ze voor?
Door Prof. Tanya Reinhart

Wat ook het lot van de gevangen genomen Israelische soldaat Gilad Shalit zal zijn, de oorlog die het Israelische leger in Gaza voert, gaat niet om hem.

Alex Fischman, een vooraanstaand veiligheidsanalist heeft het vele malen gezegd: het leger was zich maanden geleden al op een aanval aan het voorbereiden en was voortdurend bezig die te pushen met het doel de infrastructuur van Hamas en haar regering te vernietigen. Het leger zat achter de escalatie op 8 juni toen het Abu Samhadana vermoordde, een belangrijk verantwoordelijke van de Hamas-regering, en toen het de beschieting van burgers in de Gazastrook verhevigde. De goedkeuring van de regering voor actie op groter schaal werd reeds op 12 juni gegeven, maar vervolgens uitgesteld als gevolg van de wereldwijde reacties die werden veroorzaakt door het doden van burgers door luchtbombardementen, de volgende dag. De ontvoering van de soldaat was voldoende om de trekker over te halen en de operatie begon op 28 juni met de verwoesting van de infrastructuur in Gaza en de massale gevangenzetting van Hamasleiders op de Westoever, hetgeen ook weken van te voren was gepland. Volgens het Israelische verhaal beëindigde Israel de bezetting van Gaza toen het haar bewoners uit de Strook evacueerde. En het Palestijnse gedrag komt daarom neer op ondankbaarheid. Maar niets is verder bezijden de waarheid dan dat verhaal. In feite bleef Gaza, zoals reeds was voorzien in het Losmakingsplan, onder volledige Israelische controle van buitenaf. Israel hield elke mogelijkheid van ekonomische onafhankelijkheid voor de Strook tegen en vanaf het allereerste begin heeft het geen enkele clausule van de overeenkomst met betrekking tot grensovergangen van november 2005 uitgevoerd. Israel verving simpelweg de dure bezetting van Gaza door een goedkope bezetting, eentje die het ontheft van de verantwoordelijkheid van het onderhoud van de Strook en van de zorg voor de welstand en de levens van zijn 1½ miljoen bewoners, zoals bepaald in de 4e Conventie van Genève. Israel heeft geen behoefte aan dit stuk land, een van de meest dichtbevolkte ter wereld, dat bovendien niet in het bezit is van natuurlijke hulpbronnen. Het probleem is dat men niet Gaza vrij kan laten zijn als men de Westoever wil behouden. Een derde van de bezette Palestijnen woont op de Gazastrook. Als zij de vrijheid krijgen zouden ze het centrum van de Palestijnse bevrijdingsstrijd worden, met vrije toegang tot het Westen en de Arabische wereld. Om de Westoever te kunnen controleren is het nodig dat Israel volledige controle over de Gazastrook heeft. De nieuwe vorm van controle die Israel heeft ontwikkeld is die van het veranderen van de hele Strook in een openlucht- gevangenis, volledig van de wereld afgesloten. Mensen die belegerd en bezet zijn, zonder enige hoop en zonder andere politieke strijdmiddelen, zullen altijd wegen zoeken om hun onderdrukker te bevechten. De opgesloten Palestijnen van Gaza vonden een manier om het leven van de Israeli’s in de buurt van de Strook te verstoren door het lanceren van eigengemaakte Qassam-raketten over de muur rond Gaza heen in de richting van Israelische stadjes dichtbij de Strook. Deze primitieve raketten missen de precisie om op een doel te kunnen richten en hebben zelden Israelische slachtoffers gemaakt; wel veroorzaken ze fysieke en psychologische schade en vormen een grondige verstoring van het leven in de naburige Israelische doelgebieden. In de ogen van veel Palestijnen vormen de Qassam-raketten een antwoord op de oorlog die Israel hun heeft verklaard. Een student uit Gaza formuleerde het tegenover de New York Times aldus: “Waarom zouden wij de enigen zijn die in angst moeten leven? Door deze raketten voelen de Israeli’s ook wat dat betekent, een leven in vrees. Als we niet in vrede samen kunnen leven, leven samen in angst.”

Het machtigste leger in het Midden-Oosten heeft geen antwoord op deze zelfgemaakte raketten. Een antwoord dat zich aandient, wat Hamas altijd al voorstelde en wat Haniyeh deze week herhaalde: een langdurig staakt-het-vuren. Hamas heeft al aangetoond dat het woord kan houden. In de 17 maanden sinds het zijn besluit aankondigde om de gewapende strijd af te zweren ten gunste van de politieke strijd, en een eenzijdig staakt-het-vuren afkondigde (“tahdiya” — rust), heeft het niet deelgenomen aan de lancering van Qassam-raketten, behalve na zware Israëlische provocatie, zoals gebeurde bij de escalaties van juni. Desondanks bleef Hamas toegewijd aan de politieke strijd tegen de bezetting van Gaza en de Westoever. In Israëls optiek is de uitslag van de Palestijnse bezetting een ramp, want voor het eerst hebben de Palestijnen een leiding die erop staat de Palestijnse belangen te vertegenwoordigen, in plaats van mee te gaan met de Israëlische eisen.

Aangezien Israël ten ene male weigert om zelfs maar te overwegen de bezetting te beëndigen, heeft het leger het enige alternatief: de Palestijnen breken met vernietigende brute kracht. Ze moeten maandenlang uitgehongerd worden, gebombardeerd, geterroriseerd met ultrasone knallen, tot ze begrijpen dat weerstand zinloos is, en het accepteren van een gevangenisleven hun enige hoop om in leven te blijven. Hun via verkiezingen tot stand gekomen politieke systeem, hun instituties en hun politie moeten vernietigd worden. In Israëls optiek moet Gaza geregeerd worden door bendes die samenwerken met de gevangenbewaarders.

Het Israëlische leger hongert naar oorlog. Het laat zich niet hinderen door zorgen om gevangen soldaten. Sinds 2002 heeft het leger erop gehamerd dat een “operatie” zoals Operation Defensive Shield (operatie verdedigend schild) in Jenin ook noodzakelijk is in Gaza. Precies een jaar geleden, op 15 juli (voor de ’terugtrekking’) concentreerde het leger troepen bij de grens van de Gaza-strook voor een offensief op deze schaal op Gaza. Maar toen sprak de VS een veto uit.

Condoleezza Rice arriveerde voor een noodbezoek dat omschreven werd als pittig en stormachtig, en het leger werd gedwongen in te binden. Nu is de tijd dan eindelijk daar. Met de islamofobie van de Amerikaanse regering op een hoogtepunt lijkt het erop dat de VS bereid is zo’n operatie toe te staan, op voorwaarde dat het geen wereldwijde oproer veroorzaakt vanwege te excessieve aanvallen op burgers.

Met het groene licht voor het offensief op zak is de enige zorg van het leger nog het publieke imago. Fishman meldde afgelopen dinsdag dat het leger zich zorgen maakt dat “wat deze grootscheepse militaire en diplomatieke operatie dreigt te traineren” rapporten zijn over de humanitaire crises in Gaza. Daarom zou het leger er zorgvuldig op toezien dat er wat voedsel binnenkomt in Gaza. Vanuit deze analyse is het voeden van de Palestijnen in Gaza noodzakelijk om hen ongestoord te kunnen blijven doden.

3 gedachten over “Waar vechten ze voor?

  1. Op een dag, verwarden het weer.
    Het vuur was ontstoken, de engelen huilen.
    De liefde bevroren, sneeuwden de hagel.
    Donderden het zonnestralen, wind waaide de regenboog.
    Golven van geweld, ieder in de war.
    Liefdes verdreven, strijders van het verdriet schaduwen op het slagveld.
    De onbegrepen duisternis, als een vloek van duizenden jaren.
    Zo moest het zijn, de dag dat de strijd de strijders riep.
    Als een schaakspel door het zand sneuvelden mannen, vaders zonen, liefdes die eindigen aan de muur.
    Te vroeg het paradijs gezien, de tranen, het gemis.
    Vele vielen, voor hen die hoopten een traan voor de vrede.
    In een verhaal zonder einde.

  2. Tranen van verdriet, knalden de kannonen.
    Scheurden met kracht gezinnen, bouwden de haat.
    De pijn is duidelijk, en geeft het een gezicht.
    Gelovende zij, en vertrouwden gij, hoopten een nieuwe dag
    Een zorgeloos begin, van stilte en vrede.

  3. In een land verscheurd door geweld, wordt een kind geboren.
    Een briesje verkoeld de jonge moeder, palmen wuiven alsof ze willen zeggen welkom op deze wereld.
    De stad onder aan de berg gaf een zandige blik in de zon.
    De rust werd wreed verstoord door het geronk van voertuigen.
    Het kind, een jaar of negen, keek in een stofwolk die de voertuigen achterlieten.
    Het was rustig en tijdelijk veilig, de armoe straalde als nooit tevoren.
    De palmen, die eens op die plek stonden waren afgebrand net als het geboortehuis.
    De machteloosheid die het losmaakte. Gevoelens van een begrafenis.
    Te vroeg gestorven in een land waar mannen strijden als gladiatoren in een romeins theater, de horror……de horror daarvan.
    De gevoelens van een ongelijke strijd deed het kind beslissen om zijn leven te veranderen, broer, broeders en de vriendschap was kort maar krachtig.
    Zijn foto is alles nog, de foto als martelaar, het kind in een ongelijk strijd riep een vrouw met tranen in ogen.
    Moge Allah swt, moge Allah swt hen beschermen.

Reacties zijn gesloten.