Pietje Kaasboer

Toen ik nog in de Pijp in Amsterdam woonden was er aan de overkant van onze straat een onduidelijk winkeltje. Iedereen noemde de vrouw die het runde Pietje Kaasboer. Inderdaad kon je er kaas krijgen, maar ook drop en ander snoep, en als in het weekeinde je brood op was haalde je bij Pietje even twee boterhammen die ze uit haar eigen keuken haalde. Een zwaar geval van branchevervaging en ook hield ze zich van geen kant aan de openingstijden. Zolang ze nog niet naar bed was was ze open, ook in het weekeinde. En ze was vooral een inloopcentrum annex hangplaats voor de buurtbewoners die daar konden klagen over hun zorgen en de buurtroddels door konden nemen.

Pietje klaagde wel eens, dat iedereen haar deur maar plat liep, want iedereen kon door de glazen deur door zo naar binnen kijken en ze kon niet doen alsof ze er niet was, en ze liet me zien hoe ze soms de kastdeur in de gang open zette zodat ze zich ongezien even kon verfrissen – ‘ja een mens moet toch af en toe d’r fruk wassen waar of niet’ zei ze. Een kleine ongesubsidieerde buurtvoorziening met een grote rol in de instandhouding van de sociale cohesie. Toen ze dood ging was dat dus afgelopen want niemand nam haar plaats in en kaas haalden de mensen voortaan bij de Appie.

Moest ik aan denken bij het verhaal van Emile Roemer (tweedekamer SP) over de buurtkapper die geen buskaarten meer mag verkopen.

Ik kwam laatst bij de kapper in Delft. Niet om geknipt te worden, maar op werkbezoek. Hij had al 35 jaar een kapperszaak in deze buurt. In het uurtje dat ik er was, kwamen er wel vijftien mensen binnengelopen. De één om geknipt te worden, de ander om postzegels of een buskaart te kopen en de volgende om gewoon even een praatje te maken met een kopje koffie erbij. Het was overduidelijk dat de kapsalon die deze man met zijn vrouw draaiende hield een belangrijke sociale functie in de buurt vervulde. Een kleine goede buurtvoorziening waarvan er steeds minder te vinden zijn.

De kapper vertelde tot mijn grote verbazing dat hij binnenkort moest stoppen met het verkopen van strippenkaarten. Omdat er in de kapsalon net iets minder dan 10.000 euro aan buskaarten wordt omgezet, is het contract eenzijdig opgezegd. Vanaf 1 januari mag hij geen buskaarten meer verkopen. “Beetje bij beetje maken ze mijn zaakje kapot. Door die verkoop komen klanten juist mijn winkeltje binnen. Bovendien wonen in deze buurt vooral oudere mensen die nu dichtbij hun strippenkaart kunnen halen en zo met de bus naar de stad kunnen. Dadelijk moeten die mensen bijna een half uur lopen om een buskaart te kopen.”

Voor het hele verhaal: hier.

Pas hoorde ik ook het verhaal van banken die aan het loket geen geld meer uitbetalen, behalve als het om bedragen gaat die te groot zijn voor de geldautomaten buiten. Reden: het kost te veel om kleine klanten nog te bedienen. Voorbeeld dat werd gegeven, tja, zo’n oude mevrouw die drie keer in de week vijfentwintig euro op komt nemen en het eng vindt om dat buiten bij de automaat te doen. Waarom ze dan niet eens in de maand een groot bedrag komt pinnen? Omdat ze het eng vindt om grote bedragen in huis of in haar tasje te hebben. Tja, aan zulke kleine klanten heeft een bank natuurlijk geen boodschap. Die mogen wel hun pensioen naar de bank brengen maar mogen er niet te veel service voor terug verwachten.

En ga ook even naar het verhaal van Hans van Leeuwen, hier, over de armoecamping in Maarssen, waar mensen die nergens anders terecht kunnen in rottige caravans wonen – en daar moeten ze nu ook uit, zonder dat er een alternatief voor ze is. “Hier houdt Nederland op.”

6 gedachten over “Pietje Kaasboer

  1. Wonen, buurten. Waar gaat het ook bj ons in Nederland naartoe??
    In een jaar tijd mocht ik van de jeugd de volgende kadootjes ontvangen: Autobanden kapot gestoken. Buitenspiegel vernield, Antenne afgebroken,autoruit ingegooid. Eieren tegen de ramen van het huis. Werd ik op een smal voetpad, terwijl ik mij niet verdedigen kon, in elkaar geslagen door een achterop komende fietster, jonge vrouw, die vond dat ik maar aan de kant had te gaan als zij er door moest. Ze sloeg ook nog even de bril van mijn gezicht zo de gracht in. En 2 weken geleden bracht ik even iets naar een kennis die om de hoek woont. Binnen 5 minuten was ik weer terug. De rondhangende jongens hadden me weg zien gaan en hun kans waargenomen. Zo trof ik mijn huis aan met ingegooide ruiten. Nou jongens, bedankt he!! Graag gedaan riepen ze terug!
    De financiele schade komt al,in een jaar tijd, boven de
    € 1.500,= uit, geld dat ik graag een betere bestemming had willen geven.
    Wat zal ik de volgende keer bij thuiskomst, weer aantreffen?
    Bij de buren was de auto vol hakenkruizen gekrast, dat is mij gelukkig bespaard gebleven!

  2. Nog even voor de poezen/katten liefhebbers : Op een avond kwam mijn kat Ollebol thuis met een kaalgeschoren staart.
    Eerst wist ik niet wat ik zag maar heb er eerlijk gezegd toch wel een beetje om moeten lachen.
    Gelukkg voor Ollebol heeft hij nu weer een volgroeide staart, waardig om zich te vertonen.

  3. Gerrie, kan je dan niet beter gaan verhuizen? DIT is terreur, vind ik? Ik zou hieraan onderdoor gaan… 🙁

  4. Verhuizen Lidial? Dan moet de hele binnenstad verhuizen want het gebeurd niet alleen bij mij.(ook vernielngen bij het gemeente kantoor en thuis bij het personeel)
    De jeugd weet dat de politie zich niet laat zien en gaan gewoon hun gang. De vrouw die mij eventjes te pakken nam is, volgens de politie, bij hen bekend maar een persoon waar niets mee te beginnen valt. Wat moet je dan? ‘k Ben nu bezig mijn huis te beveiligen met Lexan, daar gaat geen steen doorheen!
    Dank voor je meedenken!
    Gr.Gerrie

  5. Bethlehem heeft ook een Pietje Kaasboer: Majdi, de eigenaar van het souvenirwinkeltje, die je in welke taal je maar wilt (van Nederlands tot Tagalog, en aan het Gaelic werkt ‘ie nog) welkom heet en muntthee schenkt, en de neiging heeft spontaan ergens op te duiken als je hem nodig hebt. Locals en toeristen komen er vaak na het eten even buurten…

    Tja, de service bij de bank. De bank in het dorp waar ik werk heeft uit veiligheidsovewegingen geen geld meer in kas. Alles zit in de automaat. Bejaarden en anderen die niet goed uit de voeten kunnen met de pinautomaat (voor rolstoelers hangt ie zo hoog dat iedereen kan meekijken) worden door een medewerker geholpen met pinnen: het bedrag wordt met de pinpas van de bank opgenomen(mensen hoeven dus geen pincode af te geven). Later volgt de afschijving van de rekening van de klant. Moet je natuurlijk wel een rekening bij de bewuste bank hebben…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *